|
![]() |
| Partners | Contact | |||||||||||||||||||||||||||
|
Onderzoeksrapport: Regulering in Vlaanderen in kaart gebracht. Analyse van regulerende organisaties (2009)
Samenvatting Regulering is een belangrijk beleidsinstrument van de overheid, dat intensief wordt aangewend om economische en sociale activiteiten te regelen. ‘Regulering’ verwijst naar het gebruik van wetten en regels om maatschappelijke actoren te sturen. Hiertoe worden concrete normen bepaald (vb. geboden, verboden), die ook worden opgevolgd en gehandhaafd (via monitoring, audit en inspectie, interventies en eventueel sanctionering). Bij een doorgedreven gebruik van regulering kunnen een aantal nadelige gevolgen ontstaan. Informatieverplichtingen die voortvloeien uit regels leggen bepaalde administratieve lasten op aan bedrijven, burgers en andere overheden. Administratieve lasten zijn vaak het gevolg van een slechte afstemming tussen de verschillende regulerende instanties op verschillende overheidsniveaus. Dat leidt tot meervoudige gegevensopvraging, niet relevante vergunningen en controles, lange doorlooptijden en veel onduidelijkheid bij de bedrijven tot welke instantie ze zich moeten wenden. Ten eerste is er een hoog aantal regulerinsinstanties, zodat regulering dermate complex geworden is dat weinigen nog een duidelijk zicht hebben over welke instanties er allemaal bestaan. Ten tweede is de taakverdeling van die instanties niet altijd even duidelijk en dikwijls niet op elkaar afgestemd. Taken zijn verspreid over meerdere organisaties, waardoor er versnippering ontstaat en instanties naast elkaar werken. Behalve reguleringskosten kan dit ook leiden tot een verminderde effectiviteit van regulering, zoals inconsistentie omdat instanties eenzelfde regel anders interpreteren. Deze stellingen worden zelden empirisch bestudeerd. Analyses zijn vaak beperkt tot individuele sectoren en negeren de grote verschillen tussen sectoren inzake complexiteit. Er ontbreekt een cross-sectorale analyse die een globaal beeld kan geven van alle reguleringsinstanties. Dit rapport ontwikkelt een regimebenadering om deze vragen beter te beantwoorden. Deze benadering legt de klemtoon op de actoren die betrokken zijn bij regulering en hun respectievelijke taken. Het uitgangspunt is dat sectoren zelden volledig gestuurd worden door één enkele instantie maar wel door een diverse groep van instanties (het regulerende regime), die elk slechts een aantal taken uit de reguleringsketen hebben. Door de actoren en hun taken in kaart te brengen kan beter voorspeld worden waar er potentieel hoge administratieve lasten en zijn een waar bijgevolg de afstemming moet verbeterd worden. De resultaten in dit rapport bevestigen de hypothese dat regulering complex is. Er zijn veel (types) organisaties, die zich in diverse sectoren en op verschillende overheidsniveaus bevinden. Er zijn in totaal 277 instanties, waarbij regulerende commissies de meest frequente vorm zijn (154). Er zijn echter ook heel wat agentschappen (57), departementen (31) en private verenigingen (21). Dit toont aan dat alle types sterk betrokken zijn en wijst erop dat regulering meerdere types organisaties omvat. Veruit de grootste groep organisaties is actief in economische regulering. Deze categorie bevat zelfs meer instanties dan maatschappelijke en algemene regulering samen. Verschillende bevindingen wijzen erop dat de verschillende sectoren unieke kenmerken hebben. Om geloofwaardig te zijn moeten economische taken afgezonderd worden van politici. Economische regulering maakt daarom vaker dan andere types gebruik van commissies en zelfregulering. Economische instanties zijn ook meer gespecialiseerd omdat ze minder taken hebben dan maatschappelijke reguleringsinstanties. De meeste beleidsvelden worden gedeeld door ten minste twee overheidsniveaus, al zijn er verschillen met betrekking tot het aantal niveaus en het gewicht dat elk niveau heeft. In sommige sectoren is er weinig betrokkenheid van meerdere niveaus (defensie, onderwijs, huisvesting, cultuur, sociale bescherming). Andere sectoren als economische aangelegenheden, milieubescherming en gezondheidszorg zijn echter bijna gelijkmatig verdeeld tussen het Vlaamse en federale niveau. De doelgroepen in deze sectoren zullen dus te maken hebben met instanties van meerdere niveaus.
1. Algemene inleiding
3. Gevolgen van proliferatie : het belang van regulerende regimes
4. Onderzoeksmethode
5. Empirische resultaten
6. Algemeen besluit
Referenties |
|||||||||||||||||||||||||||
|
|