Activiteitenverslag 2010

Voorwoord door prof. dr. Geert Bouckaert

<< inhoudstafel | < vorige pagina | volgende pagina > | korte papieren versie (pdf ) - lange webversie (pdf )

sbov"Een slagkrachtige overheid maakt effectief een verschil in de samenleving voor de burgers, de bedrijven en de maatschappelijke organisaties.”

 

prof. dr. Geert Bouckaert

 

Het Public Governance Committee van de OESO kwam in November 2010 op ministerieel niveau bijeen om strategieën voor de toekomst te bespreken. Het algemene thema van de bijeenkomst was “The Call for Innovative and Open Government”. Het werd een bijeenkomst die sterk werd bepaald door de financieel-economische crisis. Centrale vragen die voorlagen waren: Hoe kunnen we goede dienstverlening garanderen wanneer we moeten besparen?; Hoe kunnen we onze openbare besturen oriënteren naar een grotere prestatie-gevoeligheid?; maar ook: Hoe kunnen we een open en transparante overheid bevorderen? Dit zijn drie vragen die een overheid die slagkrachtig wenst te zijn, moet kunnen beantwoorden.

Een centrale bekommernis is hoe burgers, als gebruikers, maar ook private bedrijven en NGOs kunnen worden geactiveerd en partner kunnen zijn bij de dienstverlening. ICT en de elektronische overheid zijn hierbij duidelijke hefbomen in de co-productie en om de administratieve overlast terug te dringen. Het partnerschap met de private sector situeert zich niet enkel op het niveau van de noodzakelijke investeringen, maar ook op punctuele dienstverlening. Heel uitdrukkelijk wordt er ook verwezen hoe een partnerschap van de centrale overheid met de lokale besturen een oplossing kan zijn voor het garanderen van dienstverlening aan burgers, bedrijven, en maatschappelijke organisaties. Twee voorwaarden worden gekoppeld aan het succesvol betrekken van de samenleving bij de overheid, of hoe men van publieke-sector-motivatie kan overstappen naar publieke-dienst-motivatie waarbij niet-overheden publieke diensten vervullen. Vooreerst moet er een maatschappelijk eigenaarschap zijn van de doelstellingen van de overheid en van de gebruikte beleidsinstrumenten om effecten te realiseren. Ten tweede moet de overheid de resultaten van haar optreden zichtbaar maken zodat de samenleving de toegevoegde waarde heel expliciet kan zien en beoordelen. Dit past in het plaatje om de overheid verantwoording te laten afleggen, als basis om vertrouwen te winnen, en te behouden. Zonder vertrouwen geen partnerschappen, en zonder partnerschappen geen garantie voor goede dienstverlening. De vraag is hoe onze overheden in Vlaanderen hier scoren? Het project van de slagkrachtige overheid en dat van de interne staatshervorming gaan duidelijk in deze lijn, maar moeten nog worden hard gemaakt.

De tweede vraag gaat duidelijk in op de vraag hoe prestaties, en de aandacht hiervoor, kan worden versterkt. Uiteraard hangt dit samen met het afstemmen van verwachtingen en wat met de beschikbare middelen kan worden gerealiseerd. Men kan de verwachtingen realistischer maken door een verwachtingen-management. Dit moet dan worden gecombineerd met het beter benutten van de middelen door zowel de kaart van de nieuwe technologieën te trekken als door een HRM dat zich nog meer inzet voor de gebruikers van de dienstverlening. Hiervoor moeten overheden ook strategische capaciteit hebben voor een prestatie-bestuur (performance governance) dat organisatie-overschrijdend werkt per beleidsdomein, en over bestuurslagen heen. Dit vergt opnieuw effectieve partnerschappen en een functionele coördinatie binnen de overheid. Een centrale vraag is of het nieuwe rekendecreet zal bijdragen tot deze noodzakelijke aandacht voor prestaties. 

Tenslotte stelt de OESO dat onze overheden open en transparant zullen zijn, of ze zullen niet zijn. Openheid en transparantie zijn geen doelen op zich. Het zijn kenmerken die integriteit bewaken, die de cultuur om de gebruiker centraal te stellen in de organisatie van de dienstverlening bevordert, en die dialoog en interactie via websites en toegankelijke databanken evident maakt. Openheid en transparantie worden dan plots hefbomen om de centrale waarden van de overheid te delen met partners, waardoor vertrouwen groeit om samen werk te maken van een slagkrachtige overheid die effectief een verschil maakt in de samenleving voor de burgers, de bedrijven, en de maatschappelijke organisatie.
Moderniseren van de overheid is immers niet enkel een zaak van de politiek en van de administratie, maar ook van de samenleving.

Het Instituut voor de Overheid onderzoekt de bovenstaande vragen vanuit verschillende hoeken. We publiceren hierover, niet alleen voor een Vlaams ambtelijk en politiek publiek, maar ook voor een internationaal platform. Dat het Instituut voor de Overheid een erkend internationaal, nationaal, Vlaams en lokaal platform is, blijkt duidelijk uit de initiatieven die we koppelen aan onze onderzoeken en onze opleidingen, en uit de internationale netwerken waar het Instituut voor de Overheid een sleutelrol in speelt.

Het is onze overtuiging dat ons onderzoek, onze kennisdeling, en onze dienstverlening op die manier bijdraagt tot het tegensprekelijke debat, tot de transparantie van de complexe werkelijkheid van die overheid, en tot het realiseren van een innovatieve en open overheid. Dit was zo voor 2010 en het is onze bedoeling dit ook voor 2011 te doen. We danken allen die dit mogelijk maken: de overheden die ons onderzoek wensen en sponsoren, de ambtelijke en politieke actoren die hieraan actief meewerken, de medewerkers die het beste van zichzelf geven om een verschil te maken, de internationale gemeenschap die meedenkt. De overheid, nog meer dan vroeger, maakt een verschil naar de samenleving. Het Instituut voor de Overheid, meer nog dan anders, maakt een verschil naar die overheid.

prof. dr. Geert Bouckaert

<< inhoudstafel | < vorige pagina | volgende pagina >
korte papieren versie (pdf ) - lange webversie (pdf )

Top