Postgraduaat diversiteitsmanagement
Doelgroep: Personen met een functiebeperking ( 2 stp.)
Deze module wordt georganiseerd in het academiejaar 2010-2011
Doelstellingen
De primaire doelstelling van deze module is dat studenten inzicht verwerven in het burgerschapsparadigma ten aanzien van mensen met een functiebeperking. Daartoe dienen ze inzicht te verwerven in de verschillende benaderingswijzen ten aanzien van het fenomeen ‘handicap’. Tevens moeten ze inzicht krijgen in de factoren die de maatschappelijke participatie van mensen met functiebeperkingen belemmeren dan wel bevorderen. Ook wensen we kennis en inzicht bij te brengen over de omgevingsaanpassingen, de technologische hulpmiddelen en de ondersteuningsvormen die kunnen bijdragen aan de maatschappelijke participatie van mensen met een functiebeperking. We doen dit vanuit een multi-disciplinaire benadering en vanuit actuele visies op de plaats van mensen met functiebeperkingen in de samenleving.
Inhoud
Sessie 1
In de eerste sessie worden verschillende algemene modellen van handicap gesitueerd. De nadruk ligt enerzijds op omgevingsgerichte modellen (bv. Fougeyrollas, Rioux, ICF) en anderzijds op cultuur-historische benaderingen van handicap. Zowel de meerwaarde als de beperkingen van diverse benaderingen worden belicht.
Sessie 2
In de tweede sessie worden enkele recente visies op ondersteuning van mensen met functiebeperkingen (inclusie, empowerment, persoonsgericht en vraaggestuurd werken, kwaliteit van leven) toegelicht. We tonen aan hoe vernieuwende ondersteuningsvormen bij onderwijs, wonen en werken daaruit voortvloeien (o.m. ION, PAB, arbeidstrajectbegeleiding, inclusieve vrijetijdsprojecten, beschermd en begeleid wonen etc.). Tevens gaan we in op omgevingsfactoren die een belemmerende dan wel een bevorderende invloed kunnen hebben op de maatschappelijke participatie van mensen met functiebeperkingen.
We laten in deze sessie een stafmedewerker van GRIP aan het woord, om aan te geven op welke wijze zij actie voeren rond de burgerrechten van personen met functiebeperkingen.Sessie 3
In sessie 3 wordt toegelicht hoe de participatie van mensen met functiebeperkingen drastisch verbeterd kan worden door het verbeteren van de toegankelijkheid, door het toepassen van de principes van universal design en door de inzet van (technologische) hulpmiddelen.
Sessie 4
In de laatste sessie trachten we het voorgaande te concretiseren voor één bepaald domein, met name arbeid. We laten twee gastsprekers aan het woord die aangeven hoe participatie van mensen met een functiebeperking aan arbeid kan bevorderd worden, enerzijds door het nemen van inclusieve beleidsmaatregelen op overheidsniveau, en anderzijds door een diversiteitsbeleid op de werkvloer van een bedrijf.
Werkvorm
Voornamelijk hoorcolleges met inbreng van specialisten uit het werkveld.
Examenvorm
Presentatie van een werkstuk.
Docenten
Sessie 1: Prof. Dr. Patrick Devlieger (Sociale Wetenschappen)
Sessie 2: Prof. Dr. B. Maes (Orthopedagogiek) en gastspreker GRIP
Sessie 3: Prof. Dr. A. Heylighen en prof. Dr. J. Engelen (Ingenieurswetenschappen)
Sessie 4: Prof. Dr. A. Spaepen (Faber); namiddag: gastsprekers
Vrijdagnamiddag 14u tot 18u
Sessie 1: 14/01/2011
Sessie 2: 21/01/2011
Sessie 3: 28/01/2011
Sessie 4: 04/02/2011
Evaluatie
De evaluatie bestaat erin dat de cursisten een presentatie voorbereiden aan de hand van een casus, waarbij ze aantonen welke inzichten ze op basis van de module verworven hebben ten aanzien van de vraagstelling in de betreffende casus.
Betreffende de casus:
- De casus moet betrekking hebben op een persoon of een groep personen met functiebeperkingen Leeftijd, aard van de functiebeperking, aard van de context, … mogen vrij gekozen worden.
- De casus dient bij voorkeur en indien mogelijk te maken hebben met de werkcontext van de cursist. Indien dit niet mogelijk en/of niet relevant is, kan de casus ook uit de persoonlijke levenssfeer van de cursist komen.
- Geef op een summiere wijze informatie over de persoon of de groep personen met functiebeperkingen die u gekozen hebt en over zijn/haar/hun omgeving. Geef enkel die informatie die relevant is om uw antwoord goed te kunnen duiden.
Betreffende de vraagstelling:
- De vraagstelling luidt als volgt: ‘Geef drie inzichten aan die u vanuit de module mensen met functiebeperkingen hebt verworven in verband met de door u voorgestelde casus. Reflecteer met andere woorden kritisch over hoe u naar de (vraagstelling in de) gekozen casus kijkt, en hoe de module mensen met functiebeperkingen uw zienswijze beïnvloed heeft.’
- U kan daarbij de inhouden gebruiken die in de colleges zelf of in de daarbij horende achtergrondteksten aangereikt zijn.
- Zorg ervoor dat de genoemde inzichten expliciet gelinkt worden aan verschillende thema’s die in de module mensen met functiebeperkingen aan bod gekomen zijn.
Betreffende de mondelinge presentatie:
- We verwachten dat alle cursisten aanwezig zijn op het evaluatiemoment op 26 maart.
- Elke student zal ongeveer 8 à 10 minuten krijgen voor zijn/haar mondelinge presentatie. Daarna is er nog tijd voor vraagstelling door de cursisten en/of door de examinatoren.
Betreffende de schriftelijke neerslag:
- We verwachten van de cursist dat hij/zij de belangrijkste informatie over de door hem/haar gekozen casus evenals de hoofdlijnen van zijn/haar antwoord op de vraagstelling weergeeft in een presentatie (bij voorkeur powerpoint, maar een beknopt tekstbestand kan ook). Er zal een laptop ter beschikking zijn.
- De presentatie dient in zwartschrift uitgeprint te worden en in 6 exemplaren meegebracht te worden naar het evaluatie-moment.
- Buiten de hoger genoemde presentatie (en de outprint daarvan) wordt NIET nog eens een afzonderlijke paper verwacht.

