Onderzoek

Inhoudelijk kunnen de volgende vier domeinen binnen het ISPO-onderzoek worden onderscheiden:

 

Verkiezingsonderzoek: politieke gedragingen en - attitudes

In 1991 startte het ISPO met een panel studie naar de politieke gedragingen en attitudes van Vlamingen. Naar aanleiding van de verkiezingen in 1995 en 1999 werden de panelrespondenten opnieuw benaderd. De steekproef werd toen telkens aangevuld met nieuwe respondenten (nieuwe kiezers en cross-sectie respondenten). In 2003 werd voor de vier ronde van de Belgische verkiezingsonderzoeken een volledig nieuwe steekproef getrokken. De gegevens verzameld bij de vier post-electorale verkiezingsonderzoeken kunnen apart (per verkiezingsjaar) geanalyseerd worden of longitudinaal, wat toelaat om trends in Vlaanderen in kaart te brengen en te verklaren. Het verkiezingsonderzoek van het ISPO is ook comparatief. Door samenwerking met de Franstalige partner PIOP (universiteit Louvain-la-Neuve) wordt een ruimere vergelijking mogelijk. Vergelijking met andere landen behoort ook tot de actieradius van het ISPO. Hiertoe is het ISPO ingebed in internationale netwerken. Voorbeelden zijn het TMR-netwerk, gesponsord door de Europese Unie, en het CSES-netwerk (Comparative Study of Electoral Systems) van de universiteit van Michigan.

Sinds de gemeenteraadsverkiezingen van 1994 houdt het ISPO ook exit-polls bij de gemeenteraads- en parlementsverkiezingen. In samenwerking met VRT (Vlaamse openbare radio en televisieomroep) en sinds 1999 ook met de Finanacieel Economische Tijd, worden er de dag van de verkiezingen een representatieve steekproef van Vlaamse kiezers bevraagd bij het buitenkomen van het stembureau om op deze wijze informatie te verzamelen omtrent het stemgedrag van de kiezers.

Meer...

 

Onderzoek naar minderheden

ISPO voert onderzoek naar de integratie en participatie van minderheden in de Belgische samenleving. De theoretische invalshoek die het ISPO hanteert gaat uit van een dynamische relatie tussen minderheden en meerderheden en beschouwt volledig burgerschap als een resultaat van sociale, culturele en politieke participatie. ISPO minderheidsonderzoek is zowel kwalitatief als kwantitatief. Het comparatieve bestaat in een onderlinge vergelijking van minderheidsgroepen binnen onze samenleving, en wordt gegarandeerd door de internationale netwerken waartoe het ISPO behoort. Tot deze netwerken behoren het UNESCO-netwerk MOST en 'Social Capital and Minorities in European Cities'.

 

 

Waarden en waardenveranderingen

Waarden en waardenveranderingen worden bestudeerd in een nationale en Europese setting. De stabiliteit en verandering in geloofsopvattingen, ethische vraagstukken, ethnocetrisme en andere, worden onderzocht in het 'Comparatief en Longitudinaal Onderzoek naar Culturele Veranderingen' (FWO-WOG) en doorheen internationale surveys, zoals de European Value Study en de RAMP. Er loopt in samenwerking met het Hoger Instituut Voor de Arbeid (HIVA) ook een project rond de beeldvorming en houding van de Belgen tegenover nieuwe migranten.

 

 

Kwantitatieve en kwalitatieve methodologie van comparatief en longitudinaal onderzoek

In overleg met en aanvullend op het methodisch onderzoek in het Centrum voor Survey Methodologie van de afdeling onderzoekt het ISPO specifieke methodologische vraagstukken m.b.t. vergelijkend en longitudinaal onderzoek in het verlengde van zijn lopend substantieel onderzoek. Zo wordt bijvoorbeeld onderzoek gedaan naar de impact van paneluitval voor studie van stabiliteit en verandering en naar de mogelijkheden en beperkingen van de integratie van experimentele designs in surveyonderzoek via Computer Assisted Personal Interviewing.